Project 3 leerjaar 3: Sport in beweging

Opdracht/ opdrachtgever:

Als opdrachtgever hebben wij de club P.S.T. Wij hebben twee personen uitgekozen om meerdere opties te hebben voor ons probleem. 1. Mees Bakkeren en 2. Nina Kock. Als opdracht moesten wij een sportmethode/ sportmiddel ontwerpen die helpt om een oefening te verbeteren.

Het idee:

De opdrachtgever zag dat er problemen waren met het raken van de tennisballen (het reflectievermogen) en de snelheid van het er naartoe rennen.

We wouden iets bedenken waarmee je je reflectievermogen en je snelheid kan verbeteren. Ons concept hebben we afgeleid uit drie hoofdideeën die in de ideeën-tabel staan. 

1. Een mat met lichtjes die willekeurig aan en uit gaan.

2. Een mat met vormen.

3. Lichten op de muur waarop je kan slaan met een racket en een bal. 

Wij hebben al deze ideeën samengevoegd tot een idee. We gaan een mat ontwerpen die in veel winkels verkrijgbaar zal zijn. Er zijn twee varianten; aan de muur en op de grond.

Het doel van de mat is om zo veel mogelijk vormen/lampjes aan te raken in een bepaalde tijd. Deze tijd kan je in stellen op de mat zelf.

  • Bij de eerste variant moet je de mat in het stopcontact steken, zo gaan de lampjes op willekeurige volgorde om de beurt aan en uit. Deze moet je aanraken met je hand of voet voordat het lampje uit gaat. Zo train je je reflectievermogen en je snelheid, wat handig is bij tennis, maar ook voor andere sporten. 
  • Als je geen stopcontact in de buurt hebt, kun je gebruik maken van de tweede variant die geen stroom nodig heeft. Dit moet je met twee of meer personen spelen. De een noemt de kleur en de vorm op en degene die op de mat staat raakt de vorm met de bijpassende kleur zo snel mogelijk aan. Deze vormen kan je eraf halen, doordat ze vast zitten aan de mat met klittenband. Zo kan je veel verschillende combinaties maken, zodat je de volgorde uiteindelijk niet uit je hoofd weet. 
  • Deze mat kan je ook aan de muur hangen. Nu kan je met een tennisracket en een tennisbal op de lapjes slaan, zodat je steeds beter kan mikken. Je kan op de muur ook weer allebei de varianten toepassen. Deze mat kun je thuis, maar ook op de trainingen gebruiken. Elke sportclub kan er een aanschaffen. 

Versies:

Er zijn verschillende versies verkrijgbaar in de winkels. 1. Set met lampjes. 2. Set met vormen. 3. Set met vormen en lampjes. Dus duurdere en goedkopere. 

Je kan ook moeilijkere of makkelijkere varianten kopen. Je kan bijvoorbeeld een set kopen met vormen die één kleur hebben (makkelijk) of een set met vormpjes (moeilijk). Ook kan je los in de winkel nieuwe sets kopen. Dan heb je moeilijkere en makkelijkere set.

Onderzoek:

Wij hadden het idee om een groep van mensen rond de dertig jaar onze mat te laten testen. Door corona was dit niet mogelijk en heeft een meisje van P.S.T onze mat voor een week getest.

Een week lang was er 1,5 minuten per dag gebruik gemaakt van de mat. Aan het eind van de week werd de nulmeting vergeleken met de meting op dag 7. Hieronder zie je de resultaten, je ziet zeker vooruitgang.

 Sessie 1Sessie 2Sessie 3
Maandag141615
Dinsdag161920
Woensdag192226
Donderdag212629
Vrijdag283031

Project 2 leerjaar 3: Wateroverlast oosterbuurt

Groepje: Joep, Leon, Floris en Mila (ik)

Opdracht + opdrachtgever:

Door de klimaatverandering ontstaan er steeds nattere winters en drogere zomers. Dit kan voor wateroverlast op allerlei plekken zorgen, dit is een probleem. Daarom geeft wijtechniek ons de opdracht om hier iets op te verzinnen. 

Proces:

Wij begonnen ons onderzoek met het evalueren van het probleem. Wij hebben hiervoor ieder een paar vragen beantwoord over: BewonersOverlast door extreme weersomstandigheden, installaties en de herinrichting. Wij zijn tot de conclusie gekomen dat wateroverlast veel plekken maar ook levens beïnvloed.

Vervolgens gingen wij aan het programma van eisen. We hebben gekeken naar de eisen van de Eurekacup en hebben hier later in ons proces meer mee gedaan. Ook hebben we zelf een paar eisen toegevoegd.

  • De bezoekers van het Oosterpark merken er niet te veel van en het zit hun niet in de weg.
  • Het ziet er goed uit.
  • Het moet het lang vol houden, (je hoeft het niet elk jaar te vervangen).

Toen we wisten wat de opdracht, het probleem en wat het programma van eisen was, gingen we in de oosterbuurt lopen om onderzoek te doen waar wateroverlast was. We hadden drie plekken gevonden en hier vervolgens een storymap over gemaakt. Toen hebben we de beste plek uitgekozen waar we onze ideeën later op toe gingen passen.

We gingen door met stap 3 van de ontwerpyclus. We gingen ieder 50 kleine ideeën bedenken wat we konden doen op de gekozen plek waar wateroverlast is (het speeltuintje).

Uiteindelijk gingen wij uit de 50 ideeën ieder drie uitkiezen. Deze gingen we schetsen en vervolgens met elkaar vergelijken. Toen kwamen we op een prototype. Deze heeft Mila geschetst en een uitleg bij geschreven.

Toen heeft Mila het idee uitgewerkt in sketchup. Dit duurde niet zo lang en ging snel goed.

Dit is ons gecombineerde schets van ons prototype. Wat je ziet is een deel van de weg om het speeltuintje heen. De weg bestaat uit een pad met allemaal kleine gaatjes erin. Dit zorgt ervoor dat de plassen niet blijven liggen op het pad en dus makkelijk de grond in trekt. Hieronder hebben wij een spons laag. Dit zorgt ervoor dat het water daarin geabsorbeerd wordt en er dus meer water op geslagen kan worden, als hij vol zit kan de grond het vervolgens opnemen en kan er weer nieuw water komen. Onder deze twee lagen hebben wij nog twee bakken. De eerste zit er recht onder. Deze bak staat in contact met de roosters die onder en bovenaan de berg liggen. Het water kan via de roosters naar de bakken. De tweede bak staat in contact via een leiding met de eerste bak. Deze leiding kan je afsluiten en openen. Waar je deze aparte bak voor kan gebruiken zijn meerdere dingen. Je kan het bijvoorbeeld koppelen met de wc in het kinderdagverblijf of je kan het bijvoorbeeld verbinden met een put in de speeltuin. Zo kunnen mensen goed begrijpen dat er wateroverlast is en ze kunnen er ook nog mee helpen. Vervolgens is er ook nog een gat aan het einde van de eerste bak. Deze kan je openen en dicht doen, zodra je het opent gaat de inhoud naar de sloot.

Hierboven zie je de twee ideeën waaruit wij ons prototype hebben gemaakt. 

Later hebben wij nog een idee toegevoegd. Met het water in de bakken kan je meerdere dingen doen. Wij willen het water ten eerste sturen naar het kinderdagverblijf. Dit water staat in contact met de leidingen naar de wc’s. Zo bespaar je veel water. Voor het kinderdagverblijf hebben wij een soort muur ontworpen. Deze muur staat in contact met het water in de bakken. In de zomers wanner het warm is kan je deze muur schuin zetten zodat het een glijbaan wordt. In de winters kan je hem op de grond leggen en de zijkanten sluiten zodat het een bak met water wordt en kan bevriezen tot een ijsbaan. In de lente en herfst is het te koud om nat te worden maar te warm om te schaatsen. Nu kan je de muur ook plat leggen en vullen met zand. Het water kan je vervolgens sturen naar pompen, zodat de kinderen het zand bijvoorbeeld nat kunnen maken en hier weer mee kunnen spelen.

Dit is onze oplossing uitgewerkt in sketchup.

Evaluatie:

Deze periode ging het redelijk goed. Doordat alles online was, was het moeilijker en was minder goed contact onder de teamleden. De taken waren niet super goed verdeeld, waardoor een teamlid meer deed dan de andere. Voor de rest ging het wel goed. We hadden alles op tijd af, begrepen elkaar en ondersteunde elkaars ideeën. Je weet nooit hoe het gaat lopen, moeten we weer online gaan werken of gaan we naar school. Online kunnen we de volgende keer proberen beter contact te houden, waardoor er dus een betere verdeling is tussen de groep. Op school is dit makkelijker en moet je meer denken over de samenwerking. 

Documenten:

Hieronder heb ik nog een paar documenten gezet die handig zijn om te bekijken om een goede vieuw te krijgen over ons project. 

Periode 1 leerjaar 3: de smoothie

Samenwerking: Heleen en Imke

Opdrachtgever:

Seed Valley. Seed Valley is deze periode onze opdrachtgever. Dit is een bedrijf die planten kweken. Ze zijn nu bezig met een nieuw ras ontwikkelen, zodat ze in elke omstadigheden kunnen leven.

Opdracht:

Als opdracht hebben wij om hun te helpen. Het klimaat veranderd door de toenemende vervuiling, hierdoor veranderen de omstandigheden waarin de planten leven ook. Er is komt dan steeds minder grond om ze op te kweken, want er komen minder plekken waar de omstandigheden gunstig zijn voor de planten. Ook neemt de wereldbevolking toe en komt er dus nog minder grond. Onze probleemstelling is: onder welke omstandigheden groeien chrysanten het snelst. Want als de planten sneller groeien dan kunnen ze sneller weg en kan er een nieuwe aanvoer komen.

Onze ideeën:

Aan het begin hadden we het idee om iets te doen met verschillende lichtkleuren. Dat bleek toch te simpel te zijn en was allang onderzocht. Toen gingen we over naar vloeistoffen. We kwamen eerst op het idee de smoothie #1. Dit was een mix van gedestilleerd water met compost. We kwamen op het idee omdat, gedestilleerd water is heel schoon en compost is juist een mix van allemaal dingen. Later toen we nog even ons vooronderzoek gingen doornemen, kwamen we erachter dat een plant goed wortelt in een klei grond, gemixt met compost. Dit hebben wij verwerkt in ons idee. Ons uiteindelijke idee is een mix van compost, betoniet en sodium Carbonate. En ook hebben we verschillende kleuren licht in ons idee verwerkt.

Hoe: 

We hebben drie vloeistoffen 1. Compost, 2. Betoniet en 3. Sodium carbonate. Ze hebben allemaal een functie, compost is er om voedingstoffen toe te voegen aan de plant. Zo kan de plant energie halen uit de voedingsstoffen in compost. Compost mengen we met water zodat de vloeistof die de plant eruit opneemt vol zit met voedingstoffen. Betoniet is een lava klei. Dit is nog geen klei maar poeder, als je hier een beetje water aan toevoeg wordt het klei, maar als je er meer water aan toe voegt wordt het een troebel drankje. Betoniet helpt met het vervoer van de voedingstoffen, het is een geleider. En Sodium carbonate haalt de zuurtegraad naar beneden. Dit is ook een poeder maar dan witter, minder fijn dan betoniet en lost ook niet volledig op in water. We zetten de plantjes met deze vloeistoffen in verschillend licht, rood, blauw, buiten en in de vensterbank. De plantjes die buiten staat krijgen uiteraard ook het regenwater, maar ook de andere vloeistoffen. 

Proces:

Als eerst begonnen we met hele vooronderzoek. Dit duurde even want aan het begin was er veel onduidelijkheid over wat we nou precies moesten doen. Toen er meer duidelijkheid kwam hadden we het in een les afgerond. Toen moesten we ideeën bedenken, wat eigenlijk ook nog bij het vooronderzoek hoort. We besteedde een hele les aan een idee die niet goed was. Maar daarna kwamen we vrij snel op een nieuw idee. Toen gingen we ons materiaal verzamlen en begonnen we aan het idee. Zo hebben we elke week de planten 25 ml van hun vloeistof gegeven en aan het einde van de week de planten op gemeten. Tussendoor kregen we de opdracht om een document te maken waarin stond hoever je was voor de opdracht gever en we moesten een bouwplan maken. Dit hebben we tussen de lessen door gemaakt. 

Alle plantjes hadden een schema, met wanneer en wat voor een vloeistof ze kregen. Ook hadden we plantjes die buiten moesten staan voor het onderzoek. Die stonden bij mij (Mila), ik zorgde voor hun. Toen de herfstvakantie aanbrak moesten we een oplossing bedenken zodat ze hun voeding toch nog konden krijgen. Als oplossing hadden we een opstelling met touw en bakjes met hun voeding. We gebruikte het touw om de plant met het bakje voeding te verbinden. Toen we terugkwamen van de herfstvakantie waren ongeveer twee plantjes uitgedroogd. Het viel mee, daarom gingen we gewoon door met ons oude routine. Zo zijn ze allemaal weer gezond geworden. 

Samenwerking:

De samenwerking was in het begin goed. Naarmate het proces zich voortzette ging het steeds minder goed. Aan het einde was de communicatie iets minder goed doordat we online les hadden, maar het was geen groot probleem. Door de matige samenwerking werden de taakverdelingen anders dan geplant en heeft de een veel meer gedaan dan de andere. Dit willen we de volgende periode verbeteren. 

Plantengroei:

Hieronder zie je het groeiproces van de afgelopen vijf weken.

Dit zijn de resultaten. Om deze metingen te kunnen krijgen hebben we elke keer dat we de planten op gingen meten, de lengte en de breedte van elk blad opgemeten en uiteindelijk het gemiddelde genomen. Ze zijn allemaal wel bijna elke week gegroeid , maar soms bleef het hetzelfde, vooral bij de dikte van de steel. ​

Verschil groeiproces:

Hieronder zie je een tabel met het verschil van het groeiproces van week 1 t/m week 5. Je ziet dat Angel in de meeste gebieden het best gegroeid is. Dit betekend dat de oplossing met de drie verschillende vloeistoffen in rood licht de beste oplossing is. Behalve zie je dat Satan (ook in rood licht) het best is gegroeid in de breedte. Satan kreeg alleen maar water.

Periode 3 – 3 opdrachten

 

Deze periode was het anders dan normaal. Door corona moest je heel lang thuis blijven en had je dus niet veel opties met materiaal. Daarom werden er 3 best kleine opdrachten verzonnen om in de periode te doen.

 

Opdracht 1: 

Gewerkt met: Imke

Eerst moest je onderzoek doen naar alle bètawerelden. Dan moest je er een kiezen en je erin verdiepen. Je moest als eerste alle bètawerelden opschrijven met 5 beroepen, 5 opleidingen en een kleine uitleg. Daarnaast moest je ook een interview houden met een persoon uit de bètawereld. Wij hadden iemand geïnterviewd uit de bètawereld lifestyle en design komt. Zijn naam is Jan Klomp en hij is al heel lang een architect. Imke en Ik willen graag ook die richting in, dat is waarom we hiervoor hebben gekozen. Je moest ook een poster maken over de bètawereld die je gekozen hebt en deze moesten kinderen uit de 3e gebruiken om mee te nemen in hun profielkeuzen. En de laatste opdracht was om een project te schrijven met een betrekking tot een probleem. Door deze opdracht kwam ik erachter welke richting ik op wilde.

 

Opdracht 2: 

Als tweede opdracht moest je een huisje maken in het programma sketchup. Hierbij moest je allerlei aanwijzingen volgen en zorgen dat alle maten kloppen. Als je later bijvoorbeeld een architect wilt worden is dit programma heel handig. Voor deze opdracht kreeg je geen cijfer, maar het was om te oefenen, zodat je goed weet hoe het programma werkt. Hieronder zie je een foto van mijn huisje.

fullsizeoutput_675

Opdracht 3: 

De laatste opdracht ging over materialen. In de laatste opdracht moest je allerlei proefjes doen met heel veel verschillende materialen. Je moest 5 materialen kiezen en in totaal met die 5 materialen 15 proefjes doen. Je ging dat bijvoorbeeld met ijzer er iets in slaan of het buigen of proberen te breken enz. Dit deed je dan met 5 materialen. Vervolgens moest je bij elk proefje de werkwijze, de benodigdheden, wat er was gebeurt en wat je er mooi/lelijk aan vond. Het invoegen van de foto’s en tekst duurde het langst de proefjes ging vrij snel. Daarna moest je 1 materiaal kiezen en daar nog 10 proefjes mee doen. En als laatst moest je met het materiaal die je gekozen had een product maken die was gebaseerd op modulair. Ik heb uiteindelijk lucifers gekozen en daar een lampenkap van gemaakt (zie foto hieronder).

lampenkap

Project 2 leerjaar 2

Medewerkers deze periode: Mica, Heleen en Robin

Opdracht: 

Als opdracht hadden we om een vrijetijdsbesteding los te koppelen van het aardgas. Wij hebben ervoor gekozen om de x-press in Walibi los te koppelen, omdat hij 2,7 megawatt verbruikt. De x-press zelf werk niet op aardgas maar op energie, maar de energie die de x-press verbruikt wordt wel opgewekt door aardgas.

Vooronderzoek: 

Je kreeg eerst een lijst met vragen, daar zijn we mee begonnen. Maar we kwamen er al snel achter dat we heel veel van die vragen niet zelf konden beantwoorden dus zochten we een oplossing. We hadden het idee om contact te zoeken met verschillende attractie parken. Als eerst. belde we de Efteling, maar die wou niet mee doen. Daarna belde we Walibi, maar die waren wel in staat om mee te werken. Na het bellen gingen we mailtjes sturen en het bleek dat we er heen mochten. In het park kregen we een rondleiding door het park en een kijkje achter de schermen van de achtbanen. Ook hebben we een bespreking gehad met het persoon dat ons rondlied en hier hebben we alle antwoorden op onze vragen gekregen.

Ideeën: 

  1. Ons eerste idee was zonnepanelen. We wouden deze gebruiken omdat ze heel veel energie opwekken. Maar we wouden ze niet gebruiken voor de x-press, maar voor op de kraampjes en de kantines van de werknemers. Maar Walibi zelf gaat nu een groot veld van zonnepanelen aanleggen naast Walibi en gaat het bepruiken voor alles en nog wat.
  2. Ons andere idee was een windmolen. Omdat een windmolen veel energie opwekt dachten we dat dat wel genoeg was.
  3. Ook hadden we als idee om een karretje te maken die energie opwekt met het behulp van een dynamo.

Het ontwerp: 

  1. We hebben de windmolen gekozen omdat het veel energie kan opwekken en het is wel leuk dat Walibi dan een teken van duurzaamheid heeft. Je zou denken als het niet waart dan kan de attractie niet open, maar wij hebben een oplossing bedacht. Ons oplossing is the battery. Dat zijn hele grote batterijen, groter dan een vrachtwagen. In de winter is het park dicht en in die tijd kan je dus heel veel energie opslaan in de grote batterijen en vervolgens weer gebruiken voor de achtbaan. Er gaat altijd wel iets van energie verloren, maar een windmolen die wekt ongeveer 2,7 megawatt op. Dat is precies genoeg voor een ritje en dus ook genoeg voor een huishouden in een heel jaar. Hij is 60 m hoog en de wieken zijn 30 m lang zodat ze meer energie op kunnen wekken.
  2. Het karretje bestaat uit 2 paarden omdat dat stevig is. Maar het zijn niet alleen paarden het zijn allerlei soorten dieren. We hadden het idee om de energie op te wekken met een soort dynamo. Hieronder zie je een tekening van de werking van een dynamo. De bovenkant van van een dymamo gaat eerst draaien door het wiel van de fiets. De magneet die in de dynamo zit gaat hierdoor op en neer. En door de elektroden die in de magneet zitten wordt de energie opgewekt. Normaal gaat nu een fietslamp aan maar in dit geval wordt er bij ons de energie in een kleine accu opgeslagen die we vervolgens legen in de x-press.

thumbnail_Image

Het proces:

Nadat we het vooronderzoek hadden afgerond zijn we gaan brainstormen en gaan zoeken naar oplossingen om de x-press in Walibi duurzaam te maken. Toen we wisten wat we gingen doen begonnen we met het ontwerpen en het uitwerken van onze ideeën. Mica en ik begonnen aan het ontwerp van het karretje en gingen uitzoeken hoe het principe van een dynamo werkt. Heleen en Robin gingen aan het ontwerp van de windmolen.

Het resultaat: 

Windmolen: we hebben het gevormd met een schuurpapiertje en een schuurmachine en de wieken zijn gemaakt met de lasersnijder. (Zie foto hieronder)

fullsizeoutput_6b7

Karretje: het karretje duurde best lang om te maken omdat je alle maten goed moet opmeten van een echte fiets en daarna nog invoeren in een programma van de laserprinter. Vervolgens kon je hem uitprinten in de lasersnijder en daarna moest je hem nog lijmen en dat duurde wel een paar dagen, want soms viel het uit elkaar. (Zie foto hieronder)

Schermafbeelding 2020-06-07 om 13.44.52

Rails van het karretje: het blokje dat om de T- vorm zit is het karretje. Het blokje kan er alleen maar worden op geschoven, dat betekend dat hij er niet zomaar af kan vallen en er heel stevig op staat en hij kan er ook makkelijk overheen glijden. (Zie foto hieronder)

Schermafbeelding 2020-06-07 om 13.44.33

De evaluatie: 

Wat ging er iets slechter:

Soms waren er een paar mening verschillen van wat er gedaan moest of wie het moest doen enz… van die hele kleine dingen dus. Dat was wat moeilijker voor ons, maar daar kwamen we uiteindelijk wel uit. 

wat ging er goed:

over het algemeen ging de taakverdeling en de samenwerking heel goed.

Eureka cup:

Ook dit jaar kon je weer mee doen aan de eureka cup. Als eerst werd er op school iets georganiseerd waarbij je je product moest presenteren. Mensen gingen kijken en uiteindelijk stemmen op de personen die ze het best vonden. Dit jaar ben ik weer uitgekozen om naar de eureka cup te gaan. Maar het liep anders dan vorig jaar. Vorig jaar ging je naar een plek toe om daar je product aan verschillende mensen te presenteren. Dit jaar was er corona dus moest alles online. Ook kon je dit jaar geld winnen voor jezelf, dat had ons gestimuleerd om mee te doen.  Ten eerste moest je je product presenteren met je groepje in een filmpje. Daarna werd het filmpje bekeken en werd er besloten of je door mocht naar de volgende ronde. Met ons groepje zijn we door gegaan naar de laatste vijf. Toen moest je videobellen met twee mensen van de eureka cup, zij vroeg je een paar vragen en gebaseerd op de antwoorden van die vragen en het filmpje werd de winnaar bekend gemaakt. Na een tijdje wachten kregen we het antwoord op onze vraag, en…… Wij hadden gewonnen :).

 

Project 1 leerjaar 2: Upcycling design lamp SWITCH.

Medewerkers deze periode: Mica, Noor

Opdracht/ opdrachtgever:

We moeten een LED design upcycling lamp ontwerpen die brand op zonne – energie. Upcycling betekend oude producten nieuw maken, bijv van een fietswiel een lamp maken of van de bovenkant van een skateboard een bankje maken (zie afbeelding 1). Deze periode hebben we geen opdrachtgever.

 

Vooronderzoek:

Bij het vooronderzoek moesten we 20 lampen onderzoeken. Omdat wij met 3 mensen in een groepje zaten hoefden wij er maar 15. Je moest uitzoeken hoe een lamp precies in elkaar zat, hoezo krijg je geen schok, welke materialen, wat zijn de afmetingen, Als je alles had beschreven moest je ook nog een schets van de lamp maken. Het was best veel. Toen we alles af hadden hebben we nog kritiek van de docent teruggekregen en dat toegepast.

Naast de 15 lampen moest je onderzoek doen naar afvalstromen. Over hoeveel afvalstromen er zijn en of je ze kan hergebruiken en dan ook hoe kan je het gebruiken. Noor heeft een paar bedrijven gebeld om te kijken of er nog hele speciale producten werden weggegooid en hoeveel er wordt weggegooid. Uiteindelijk moesten we nog een conclusie trekken over de afvalstromen en de 15 lampen. Ook kwam er in de conclusie te staan of het onderzoek je eigen lamp heeft beïnvloed.

Ideeën:

We hadden al best snel het idee om iets te doen met een boek. Mica had een boek van een andere klasgenoot gekregen en vouwde alle bladzijdes dubbel. Het werd een halve cirkel. Daarna hadden we het idee om dat idee te gebruiken voor onze lamp, het vooronderzoek heeft niks met onze keuze te maken. Daarna gingen we individueel een schets maken hoe wij dachten dat het boek eruit zou moeten zien. We hadden allemaal net iets anders en dat allemaal samengevoegd voor in het ontwerp.

Ontwerp:

Ons ontwerp is een boek. Omdat je een zonnepaneel moet gebruiken hebben wij die op de voorkant. In de rug van het boek zit een leestrip. We hebben niet een normale schakelaar, maar we hebben een boek die automatisch aan gaat als je hem open doet. Het werkt al volgt: er zit een kleine magneet in de voorkant van het boek die aangesloten zit aan de liedstrip, de leestrip zit weer aangesloten aan de batterijen. Als je het boek open doet plakt de magneet tegen een ijzeren plaatje die in verbinding staat met de batterijen. Dan gaat de leestrip branden. We missen 1 onderdeel waardoor we het zonnepaneel niet kunnen gebruiken. We noemen ons project SWITCH.

 

Proces:

Eerst begonnen we met het vooronderzoek, we kregen de opdracht en begonnen gelijk. het duurde even voordat we het vooronderzoek af hadden, maar het was gelukt. Daarna gingen we al onze ideeën individueel schetsen. Toen dat klaar was gingen we een idee bedenken hoe we de schakelaar wouden. Na een lange tijd zijn we uit het idee gekomen en hadden niet zo veel tijd meer. Tijdens de les gingen Noor en Mica naar de oma om een boek op te halen, ik ging de andere materialen zoeken voor het boek. Daarna was Mica begonnen met de reclamecampagne en de presentatie. We hadden geen tijd meer om het te oefenen dus moesten we het apart oefenen in het werkend. Ik heb zelf in het werkend aan dit portfolio gewerkt, de presentatie geoefend en mijn logboek afgemaakt.

Samenwerking: 

de samenwerking was deze periode niet zo goed. Aan het begin waren we het vaak oneens en deden mijn andere groepsleden niet veel. Pas aan het einde waren we het oneens en gingen mijn groepsleden meer doen.

Evaluatie:

Onze lamp mist een onderdeel, omdat het op was. Ook zou onze lamp een sterkere ledstrip nodig hebben, maar dat was er ook niet. We hebben hier een oplossing voor gezocht. In de presentatie zeggen we hoe het echt moest, we zetten het zonnepaneel er wel op maar heeft geen invloed op de batterijen doordat we een onderdeel missen.

Vaardigheden: 

Ook moesten we individueel deze periode vaardigheden doen.

(1) Een hartje solderen, deze vaardigheid was niet zo moeilijk en dus best snel klaar.

(2) Een trap met de goede afmetingen schetsen en maken. Deze vaardigheid duurde iets langer, ik heb hem deze periode niet af kunnen krijgen omdat er niet veel tijd was. Je moest deze trap van uitgesneden karton platen maken.

Eindproduct:

 

fullsizeoutput_5e5

Project 3: afvalverwerking

Medewerkers deze periode: Noa, Robin en Heleen.

Opdracht/ opdrachtgever:

de opdracht was om een prullenbak te maken die makkelijk afval kan verwerken en het ook leuk is om afval te verwerken.

Deze opdracht heeft de school zelf gegeven.

 

Vooronderzoek: 

Ons vooronderzoek ging over: soorten afval, de scheiding van afval, technische afval verwerking en de hoeveelheid prullenbakken in de school.

Hier werd natuurlijk om gevraagd, maar ik vond het wel interessant om het allemaal op te zoeken. Ik ben veel meer te weten gekomen over prullenbakken wat ik nog niet wist, maar sommige dingen wist ik al wel. het ging goed we hadden een taakverdeling gemaakt op trello en we hebben het snel afgekregen.

 

Ontwerp/ ideeën: maar onze ideeën werkte allemaal niet.  

Toen we een ontwerp gingen maken konden we eerst niks bedenken. Buiten de lessen bedachten we de hele tijd wat we moesten maken. Eindelijk kwamen we op de basis ideeën, daarna (in de les) ging ik tekenen en we kwamen toen op de eindproducten.

Onze ideeën:

We bedachten dat we een vierkante prullenbak met een buis erop gingen maken. De buis is voor het zuigsysteem, zodat het leuk is om iets weg te gooien. We hebben er een sensor op die voelt of er iemand langsloopt, na 5 minuten gaat hij uit als er niemand is. Ook hebben we een afvalmeter, hij meet hoeveel afval er in zit en je ziet op de buitenkant of hij vol is. Aan de binnenkant van de prullenbak is er een elastiek om de vuilniszak aan de prullenbak te houden. Aan de deksel hebben we clipjes om de prullenbak en de deksel goed aan elkaar te monteren.  Deze prullenbak is voor: plastic, karton en rest afval.

Ook hebben we een prullenbak die beter is voor de afvalverwerking dan dat het leuk is om er afval in te gooien. Het idee was om een ronde prullenbak te maken met kleppen van rubber tegen insecten. Hij is van licht materiaal gemaakt, zodat hij makkelijk verplaatst kan worden. Ook heeft deze prullenbak een afvalmeter en kan je dus ook kijken hoeveel afval er in zit. deze prullenbak is voor: GFT (Groenten Fruit en Tuinafval).

(Ik heb net al onze ideeën vertelt, we hebben het geprobeerd om te maken maar niks werkte). 

Testen in de kantine:

We gingen ons prullenbak met het zuigsysteem in de kantine zetten. We wouden kijken of mensen er echt afval in gingen gooien. een paar mensen hebben hun afval er in gegooid. We zijn later weer terug gekomen om de prullenbak op te halen, en we zagen dat de buis eraf was. Later is hij weer terug gevonden, we zijn er achtergekomen dat hij nog niet zo goed vast zat dus hebben we hem nog vastgemaakt met lijm.

Proces:

Als eerst zijn we begonnen met het idee uitwerken van de prullenbak met het zuigsysteem. We gingen de materialen bij elkaar zoeken en meten. Toen we alles gemeten hadden begonnen we met het uitzaken van de zijkanten en bovenkanten. Later hebben Robin en ik nog een gat in de bovenkant gemaakt en hem wit geschilderd. Noa en Heleen hebben de zijkanten geverfd. De bovenkant was nog niet droog dus konden we alvast beginnen aan de klipjes aan de bak. Toen de bovenkant was opgedroogd gingen we de bovenkant van de klipjes bevestigen. De vuilniszak moet aan iets vastzitten. Dus zijn Heleen en ik begonnen met een rondje aan de binnenkant van de prullenbak te maken zodat er een vuilniszak aan vast kan zitten.

Toen we daar eindelijk klaar mee waren, gingen Robin en ik aan het onderste deel van de buis. We begonnen met wat kippengaas en ijzerdraden. Toen we de vorm helemaal mooi en stevig hadden gemaakt begonnen we aan de lijm voor de papier mache. Toen het helemaal opgedroogd was gingen we hem schilderen. Noa en ik hebben later het bovenste deel gemaakt van de buis op de zelfde manier als je net gelezen hebt.

We begonnen aan de 2e prullenbak. Hij is helemaal gemaakt van piepschuim. Heleen en Robin gingen op de grote piepschuimblokken rondjes tekenen. Die hebben we uitgebrand met een hete ijzerdraad. Daarna gingen we kleinere rondjes maken met een boor een dat weer doorbranden. Alleen het onderste rondje is uitgehold, anders is er geen bodem. later hebben we de kleppen erop gemaakt en het geschilderd.

 

Samenwerking:

De samenwerking was goed, aan het begin waren Noa en Heleen een beetje afgeleid maar later ging dat beter. Het ging weer voor een lange tijd goed, maar later dwaalde we allemaal een beetje af en zochten we een beetje wat we moesten doen. Maar om het algemeen ging het goed.

 

Eindproducten:

Eindproduct O&O GFT          Eindproduct O&O GFT !

Project 1: biomimicry

De opdracht:

Voor technasium zoals ik al zei maak je allemaal projecten, een periode is al voorbij dat betekend dat ik al een project heb gemaakt. Op school werken we in stamgroepen, we moesten het project ook in stamgroepen maken. Je hebt in de onderbouw altijd een opdrachtgever deze keer was het Artis. Het project is: een gebouw maken met biomimicry. Biomimicry is het nabootsen van de natuur, dus je moet een gebouw maken die geïnspireerd is van de natuur. Wij hebben het vossenhuis gemaakt, het huis is namelijk vooral geïnspireerd van de vos. Maar we hebben ook andere onderdelen van de natuur gebruikt, namelijk haaienhuid en planten.

Het proces:

We begonnen met het verzamelen van materialen. We gebruikte voornamelijk karton. De hele basis is van karton. Daarna gingen we al het karton uitsnijden en aan elkaar plakken. Toen we alles in elkaar hadden gezet begonnen we met de haaienhuid erop lijmen. Voor in elkaar zetten en het vastzetten van het lijmpistool hebben we een lijmpistool gebruikt. Toen alles gelijmd was begonnen we met verven, het huis en de grond. In tussentijd maakte propjes van groen papier en plakte het toen op het dak. We begonnen toen aan de kleine details voor rondom het huis, daarvoor gebruikte we materialen van de natuur. Als laatste hebben we het huis bij sommige stukjes nog overgeverfd, en nu is ons moquette af.

Het eindresultaat:

Het is een donkergrijze moquette geïnspireerd van de vos, de haai en een paar planten. Rondom het huis liggen kleine blaadjes op de grond en een kale boom. de schal van het huis is 1:25 cm. Het huis heeft een schuin dak. Dus de ene kan van het huis is hoger dan de andere kant. De laagste kan is 8 meten hoog. En de hoogste kan is 11 meter. De oppervlakte van het huis is 11 meter x 5 meter, dus 55 m². een deel van het huis is onder de grond, het huis staat in corstarika en daar is het heel warm. Dat is de reden dat de slaapkamers onder de grond zijn, in de zomer is het onder de grond lekker koud en in de winter is het onder de grond lekker warm. Zo bespaar je energie van verwarmingen bijvoorbeeld. Hieronder zie je precies hoe het gebouw is geworden.

 

 

fullsizeoutput_67

Project 2: circulaire brug

Medewerkers waren: Noor, Hugo en Xaver.

Opdracht/ opdrachtgever:

De opdrachtgever was W.O.W platform.

De opdracht was dat je met een groepje een brug moest kiezen en ontwerp hem opnieuw.    De brug moet circulair zij, ( je kan iets herbruiken). Je maquette moest stevig en mooi en een vernieuwend ontwerp zijn.

 

Ideeën: 

Daarna ging je een brug kiezen, het hoefde niet perse uit Rotterdam te zijn. De bedoeling is eigenlijk om hem te herontwerpen. Ook al hoefde het niet wij kozen de belangrijkste brug uit Rotterdam “de Erasmusbrug”, je kent hem waarschijnlijk wel. We hebben hem gekozen omdat hij lekker groot was en het een leuke uitdaging was om hem te herontwerpen.

Toen we eindelijk klaar waren met het kiezen mochten we eindelijk beginnen met ideeën bedenken. We hadden een paar ideeën je gaat ze hier zo onder lezen. Maar eerst we begonnen met 1 idee toen we aan het werk gingen kwamen er steeds meer ideeën in ons op.

1: We hadden het idee om hele grootte egoblokken te maken maar dan met een iets andere constructie. je hebt een blok met een gat erin en twee streepjes aan de zijkant. Ook heb je een buis ben twee ijzeren uitsteeksels eraan zodat ze er met een een    draaibeweging in en vast zitten. Het wegdek is van deze blokken gemaakt (in het echt niet in de maquette).

2: We hebben er zonnepanelen op geplaatst zodat de lichten met groene energie kunnen verlichten en zodat brug ook op groene energie open kan zodat er grote schepen langs kunnen.

3: We hebben er bloembakken aan de zijkanten geplaatst zodat die de co2 kunnen opnemen van bijvoortijd auto’s.

4: De ijzeren palen aan de zijkanten van de brug kunnen los zodat die ook weer herbruikbaar zijn. En dat het makkelijker is om de brug af te bouwen.

 

Samenwerking:

De samenwerking ging goed iedereen had bijna altijd iets te doen, maar Xaver had zijn been gebroken dus was hij wat vaker afwezig. we waren goed oprijd Klar dat we nog goed konden oefenen voor de Presentatie.

 

Proces: 

Als eerst moesten we een vooronderzoek maken, je moest verschillende dingen onderzoeken onderander circulaire economie. Hoe je een stevige brug maakt, waar heb je het over als je praat over duurzame bouw en welke bruggen heeft Rotterdam. Je moest kijken uit welke onderdelen de brug bestaat en van welk materiaal.

We begonnen met het verzamelen van de materialen (hout) en ze op te meten. Toen we alles opgemeten hadden begonnen we met het zagen. We hadden alles gezaagd en begonnen met hameren en lijmen. Alles zat in elkaar en we gingen de draden opmeten en knippen. Het was zo goed als klaar alleen nog een paar dingen, de kleine details. Zoals het schilderen dus gingen we schilderen. En als laatste gingen we de bloembakken nog tekenen. Toen de maquette af was begonnen we met de poster. Wat er op de poster stond staat ook op deze bladzijde maar dan samengevat.

Product:

Dit zijn ons eindproducten:

Idee 1:                                                Eindproduct

Over Mij

Ik ben Mila Todorovic, ik ben 14 jaar oud. Ik zit op het Metis Montessori Lyceum in de technasium klas. Technasium houd in dat je allemaal projecten doet, het vak hier heet geen technasium maar O&O, namelijk onderzoek en ontwerp. Je hebt het vak vier uur in de week. Bij het project krijg je een opdracht gever hij/zij geeft je de opdracht. je hebt een periode om aan het project te werken, een periode is ongeveer 12 weken exclusief vakantie. Ik vind technasium heel leuk omdat je veel creatief bezig bent, ik vind het bijvoorbeeld ook heel leuk om een bouwpakket van de Ikea in elkaar te zetten. Dat is samengevat technasium, en iets over mij. als je nog iets wil weten kan je me bereiken met dit e-mail adres 24374@edu.msa.nl.

Maak je website op WordPress.com
Aan de slag